Wat er (mogelijk) onrechtmatig was aan haar detentie
- Geheime detentie op onwettige locatie — Kort na haar arrestatie in april 2023 werd Weski bijna negen dagen vastgehouden op een geheime, niet-erkende locatie. Die detentie vond plaats op een plek waar geen extern toezicht was — wat volgens de Inspectie Justitie en Veiligheid (IJV) in strijd is met de Nederlandse wetgeving over gevangenissen.
- Schending van fundamentele rechten / gebrek aan juridische waarborgen — Doordat de detentieplek niet officieel was, had Weski geen mogelijkheid om klachten in te dienen over haar behandeling, en waren reguliere procedures (zoals kennis van bewaring, vastgestelde regels, verantwoordelijke toezichthouder) afwezig.
- Mogelijke fysieke schade door detentieomstandigheden — Volgens haar advocaten heeft zij door foutieve medicatie tijdens detentie blijvende schade opgelopen aan haar ogen: zij is “bijna blind” en onderging recent nog een operatie. Dat zou verband houden met onzorgvuldige medische behandeling tijdens haar gevangenschap.
- Vraagtekens rond eerlijk proces — Haar verdediging beargumenteert dat vanwege de geheimhouding en onregelmatigheden tijdens haar detentie — die zij als “wederrechtelijke vrijheidsberoving” omschrijft — een eerlijk proces niet meer gegarandeerd is. Ze heeft daarom (op 2 december 2025) opnieuw inzage geëist in haar detentiedossier.
Met andere woorden: de detentieomstandigheden — clandestien, zonder toezicht, zonder duidelijke procedures — vormen het kernpunt van het mogelijke onrecht dat haar is aangedaan.
Waarom het onrecht niet per se erkend is — en wat de discussie is
- Volgens de directeur van de detentielocatie bestrijdt de gevangenis dat de omstandigheden extreem waren: hij noemde het “bunker-verhaal” van Weski een “fabeltje”.
- De voorzitter van het college van hoofdofficieren-generaal van het Openbaar Ministerie (OM) gaf eerder aan dat de bewering dat haar advocaten niet wisten waar ze vastzat, onjuist is: volgens hem mochten advocaten haar wel bezoeken op de geheime detentieplek.
- Bij de rechtbank in Rotterdam is al geoordeeld dat er “genoeg bekend is” over de detentieomstandigheden — getuigenverhoren van gevangenen en ander aanvullend bewijs zijn volgens de rechter niet noodzakelijk. Dat maakt het voor de verdediging lastiger om te argumenteren dat detentie-onrecht haar strafzaak ongeldig maakt.
- Kortom: ook al is het vasthouden op een geheime locatie onwettig, de rechter stelt dat dat op zichzelf niet genoeg is om vervolging automatisch te laten vallen.
Waarom veel mensen — ook buiten haar eigen verdediging — dit als mogelijk onrecht zien
- Detentie op een geheime, niet-erkende plek ondermijnt het vertrouwen in het rechtssysteem: zonder transparantie en toezicht kan niet gegarandeerd worden dat standaard rechten worden gerespecteerd (klachten, medische zorg, eerlijk proces). In een rechtsstaat is dat in principe ontoelaatbaar.
- Zelfs als de omstandigheden “veiliger bedoeld” waren (bijv. angst voor aanslagen), mogen veiligheidsmaatregelen niet leiden tot rechtsstatelijke schendingen zoals “verdwenen gevangenen” of geheime detentie zonder verantwoording.
- Haar fysieke gezondheid en medische schade — als gevolg van detentieomstandigheden — maken het extra serieus. Dat gaat verder dan een juridische procedure; het is ook een mensenrechtenkwestie (toegang tot juiste medische zorg, humane detentieomstandigheden, respect voor lichamelijke integriteit).
Mijn inschatting: wat is waarschijnlijk écht “onrecht geweest”, ondanks discussie
Het meest aannemelijk is dat aan haar detentie wezenlijk en structureel onrecht is gedaan rond procedures en transparantie — dat wil zeggen: geheime detentie op een niet-erkende locatie, zonder toezicht en zonder wettelijke waarborgen. Of die onrechtmatigheid in zó’n mate is geweest dat haar strafzaak ongeldig moet worden verklaard, is echter onzeker — daarover is de rechter kritisch. Wat wél geloofwaardig is: dat haar gezondheid en rechtspositie (beroep op geheimhoudingsplicht als advocaat, medische zorg, rechten van arrestant) mogelijk zijn geschaad.
