Stadskanaal: hoe konden deze kinderen zo lang in de steek worden gelaten?

Welke signalen waren bekend? Welke meldingen zijn gedaan? Welke organisaties waren betrokken?

De verdenkingen rond de ernstige mishandeling van twee jonge kinderen in Stadskanaal hebben diepe sporen getrokken in de samenleving. Volgens informatie uit dossiers die aan de kinderrechter zijn voorgelegd, zouden een 6-jarig meisje en een 7-jarige jongen langdurig zijn opgesloten, vernederd en mishandeld. Ook zouden delen van de mishandelingen zijn gefilmd. Het Openbaar Ministerie is een strafrechtelijk onderzoek gestart naar twee moeders die hiervoor verantwoordelijk zouden zijn geweest. (NOS)

Maar naast de vraag wat de verdachten wordt verweten, dringt zich een tweede en minstens zo pijnlijke vraag op: waar waren de instanties die deze kinderen hadden moeten beschermen?

Het falen van het systeem

Wanneer kinderen jarenlang slachtoffer worden van ernstige mishandeling, ontstaat vrijwel altijd een keten van gemiste signalen. Kinderen leven niet in een vacuüm. Ze gaan naar school, bezoeken artsen, komen in contact met hulpverleners en hebben familieleden, buren of andere volwassenen om zich heen.

Juist daarom roept de zaak in Stadskanaal zoveel vragen op. Als de beschuldigingen kloppen, dan gaat het niet om een eenmalige uitbarsting van geweld, maar om structurele mishandeling die volgens deskundigen een planmatig karakter zou hebben gehad.

Bij zulke situaties mag van instanties worden verwacht dat zij signalen herkennen, informatie delen en ingrijpen voordat kinderen blijvende schade oplopen.

Signalen zijn er bijna altijd

Deskundigen op het gebied van kindermishandeling wijzen er al jaren op dat mishandeling vaak vooraf wordt gegaan door zichtbare signalen. Kinderen kunnen gedragsproblemen ontwikkelen, lichamelijke verwondingen vertonen, angstig zijn of sociaal geïsoleerd raken. Gemeenten, jeugdzorgorganisaties en Veilig Thuis hebben juist daarom een belangrijke verantwoordelijkheid bij het signaleren en stoppen van mishandeling.

Wanneer achteraf blijkt dat kinderen langdurig hebben geleden, ontstaat onvermijdelijk de vraag of meldingen onvoldoende serieus zijn genomen, dossiers niet goed zijn beoordeeld of organisaties langs elkaar heen hebben gewerkt.

De prijs wordt betaald door de kinderen

De grootste slachtoffers zijn niet de instanties die mogelijk steken hebben laten vallen. Het zijn de kinderen zelf.

Wetenschappelijk onderzoek laat zien dat langdurige mishandeling kan leiden tot ernstige psychische problemen, traumaklachten, angststoornissen, depressies en problemen in de verdere ontwikkeling. De gevolgen kunnen een leven lang merkbaar blijven.

Geen enkele bestuurlijke evaluatie, geen enkel onderzoeksrapport en geen enkele politieke discussie kan die verloren jeugd teruggeven.

Meer dan alleen strafrecht

Het strafrechtelijke onderzoek moet uitwijzen wat de verdachten precies hebben gedaan en welke straf daarbij passend is. Maar daarmee is de maatschappelijke verantwoordelijkheid niet afgedaan.

Er zal ook onderzocht moeten worden hoe het mogelijk was dat deze situatie kon ontstaan en voortbestaan. Welke signalen waren bekend? Welke meldingen zijn gedaan? Welke organisaties waren betrokken? En waarom heeft niemand eerder effectief ingegrepen?

Zonder eerlijke beantwoording van die vragen bestaat het risico dat de volgende kinderen opnieuw tussen de mazen van het systeem verdwijnen.

Een beschavingstest

De manier waarop een samenleving haar meest kwetsbare kinderen beschermt, zegt veel over haar beschaving. De zaak-Stadskanaal is daarom niet alleen een strafzaak tegen mogelijke daders. Het is ook een test voor de overheid, de jeugdzorg, gemeenten en alle betrokken instanties.

Want als kinderen jarenlang kunnen worden mishandeld zonder dat er tijdig wordt ingegrepen, dan is niet alleen een gezin tekortgeschoten. Dan heeft ook het beschermingssysteem gefaald.

En juist dat maakt deze zaak zo pijnlijk: twee jonge kinderen hadden volwassenen nodig die hen zouden beschermen. Volgens de verdenkingen gebeurde dat veel te laat.